3e graad

5e en 6e jaar D-finaliteit (domeinoverschrijdend - aso) - schooljaar 2024-2025

In de doorstroomrichtingen van de derde graad (vroegere aso) wordt de leerstof meer vanuit een theoretische visie benaderd. Er is een duidelijk verschil met de meeste domeingebonden afstudeerrichtingen van de derde graad (vroegere tso), waar de toepassing en de praktische gerichtheid de bovenhand nemen.

Algemene voorstelling:

In deze studierichting staan twee studiedomeinen centraal: het ontwikkelen van economische inzichten en de studie van de talen.
In de taalvakken (15 uur per week) wordt je concrete communicatieve vaardigheid verder ontwikkeld. Tevens maak je kennis met de cultuur en de literatuur van de landen waar deze talen gesproken worden. Een grondige kennis van dat alles kan je communicatie bevorderen, je helpen bij het raadplegen van allerlei informatiebronnen en bijdragen tot je algemene ontwikkeling.
In het vak ECONOMIE verwerf je inzicht in de (bedrijfs-)economische realiteit en vaardigheden om economische concepten kritisch te evalueren. Je zal merken dat bij het nemen van economische beslissingen met heel wat factoren rekening gehouden moet worden. Dat maakt economie juist zo boeiend.
Je komt in contact met de economische, politieke en ethische aspecten van het economisch handelen. Je krijgt een klare kijk op de werking van de economie en de impact ervan op de maatschappij.
Je talenkennis en de betere beheersing van het Nederlands komen van pas bij het analyseren en begrijpen van economische teksten.

Leerlingenprofiel:

Deze richting is voor de leerling die:
* interesse heeft voor talen en de beheersing van vreemde talen belangrijk vindt.
Wil jij je woordenschat en grammaticale kennis verruimen en toepassen in spreekbeurten, discussies, schriftelijke communicatie …? Al deze vaardigheden worden onmiddellijk in de praktijk gebracht.
* graag leest en interesse heeft voor cultuur en literatuur.
Via talrijke leesopdrachten maak je kennis met oude en nieuwe schrijvers in het Nederlands en in vreemde talen.
* oog heeft voor het ruime economische en maatschappelijke gebeuren om zich heen.
Wil je op zoek gaan naar verklaringen hiervoor en de samenhang leren ontdekken en begrijpen? Het vak economie biedt je daartoe ruime kansen.
* een algemene vorming nastreeft, zodat hij/zij ook in het hoger onderwijs ruime kansen krijgt.

Algemene voorstelling:

Zoals de naam van deze richting het zegt, ligt de klemtoon op twee vakgebieden. Dat belet echter niet dat ook de talen op een volwaardige wijze aan bod komen en dat er aandacht wordt geschonken aan de uitbouw van je algemene vorming.

In het vak ECONOMIE verwerf je inzicht in de (bedrijfs-)economische realiteit en vaardigheden om economische concepten kritisch te evalueren. Je zal merken dat bij het nemen van economische beslissingen met heel wat factoren rekening gehouden moet worden. Dat maakt economie juist zo boeiend. Je komt in contact met de economische, politieke en ethische aspecten van het economisch handelen. Je krijgt een klare kijk op de werking van de economie en de impact ervan op de maatschappij.

Het vak wiskunde biedt je de kans je abstract denkvermogen grondig te ontwikkelen. Er worden wiskundige oplossingsmethodes aangereikt die ook in andere vakken van pas zullen komen, onder andere in economie.

Leerlingenprofiel:

Deze studierichting is voor de leerling die:
* oog heeft voor de maatschappelijke en economische wereld om zich heen;
* geboeid is door de abstracte wereld van de wiskunde en daar tot nu toe goede cijfers voor behaald heeft;
* zich kan vastbijten in het analyseren van meer complexe problemen;
* over een stevige theoretische intelligentie beschikt.

Algemene voorstelling:

Humane Wetenschappen is een sterk theoretische studierichting in de domeinoverschrijdende doorstroomfinaliteit. Ze combineert een brede algemene vorming met filosofie, kunstbeschouwing, sociologie en psychologie aangevuld met een sterk pakket talen.

Leerlingenprofiel:

Deze studierichting is voor de leerling die:
• een ruime interesse heeft in het bestuderen van de mens en de (complexe) samenleving waarin die functioneert;
• het functioneren van de mens en/of de samenleving in een wetenschappelijk onderzoek wil bevragen en analyseren;
• een interesse heeft voor de evolutie in opvattingen over mens en maatschappij, kortom een filosofische ingesteldheid heeft;
• interesse heeft in de rol die kunst speelt in een samenleving en hoe we kunst vanuit een kunsthistorisch kader analyseren.

Algemene voorstelling:

De studierichting Latijn-moderne talen mikt op een veelzijdige taalvorming. Terwijl de doorgedreven studie van de moderne talen (16 uur per week) je vooral oefent in het communicatieve aspect van de taal, legt de studie van het Latijn sterker de nadruk op de taalbeschouwing. Zowel in de oude als in de moderne talen, geniet ook de brede culturele vorming grote aandacht: de taal is niet enkel een doel op zich, maar ook een middel om diepgaand kennis te maken met de leefwereld en de culturele stromingen van de verschillende taalgebieden.

Leerlingenprofiel:

Deze studierichting is voor de leerling die:
* sterk onderlegd is in grammatica en taalstructuren;
* interesse heeft voor talen en de beheersing van vreemde talen belangrijk vindt.
Wil jij je woordenschat en grammaticale kennis verruimen en toepassen in spreekbeurten, discussies, schriftelijke communicatie …?
Al deze vaardigheden worden onmiddellijk in de praktijk gebracht.
* graag leest, interesse heeft voor cultuur en literatuur en ook geboeid is door het inhoudelijke aspect van menselijke communicatie.
Via talrijke leesopdrachten maak je kennis met oude en nieuwe schrijvers in het Nederlands en in vreemde talen. Je dient een ruime belangstelling te hebben voor de eigentijdse en oude cultuur, vooral vanuit een literaire invalshoek en ook geboeid te zijn door het inhoudelijke aspect van menselijke communicatie.

Algemene voorstelling:

De studierichting Latijn-wetenschappen combineert een taalkundigliteraire component met een exact-wetenschappelijke. Door het contact met de taal, literatuur en cultuur van de Romeinen verruim je je tijdskader en je wereldbeeld en via de wetenschappen verdiep je je in de wetmatigheden die alle materiële verschijnselen beheersen; Beide componenten doen een beroep op het abstracte denkvermogen, op de methodische aanpak en op nauwgezetheid.

Leerlingenprofiel:

Deze studierichting is voor de leerling die:
* beschikt over een aanzienlijke basis van Latijnse taalkennis en over voldoende vertaalvaardigheid om de confrontatie met de antieke schrijvers verder te zetten;
* over voldoende wiskundige vaardigheid beschikt om mathematische formules in een wetenschappelijke context inzichtelijk toe te passen;
* gedreven wordt door een wetenschappelijke nieuwsgierigheid voor fysische, chemische en biologische vraagstukken.

Algemene voorstelling:

De eigenheid van de combinatie van Latijn met wiskunde ligt vooral in de doorgedreven vorming in logische denkprocessen die door beide componenten wordt nagestreefd. Via de taal en het getal word je op een bijzondere wijze geoefend in het accuraat redeneren, in het ontdekken van ordeningsprincipes en in de vaardigheid tot concluderen en structureren.
Inzake persoonlijkheidsvorming biedt de literaire en culturele studie van de Latijnse taal en beschaving een evenwichtige aanvulling op de hoge mate van abstractie die eigen is aan de diepgaande studie van de wiskunde.

Leerlingenprofiel:

Door het grote overwicht van wiskunde in het pakket van deze studierichting is ze vooral bedoeld voor de leerling die:
* de bereidheid heeft om zeer regelmatig te studeren en een groot doorzettingsvermogen heeft om de systematische opbouw van zowel Latijn als van wiskunde te kunnen realiseren;
* een voldoende stevige basis van de Latijnse taalkennis en voldoende vertaalvaardigheid heeft om de confrontatie met de antieke schrijvers verder te zetten.

Algemene voorstelling:

Moderne Talen is een sterk taalwetenschappelijke studierichting. Ze combineert een brede algemene vorming met een uitgebreid pakket moderne talen. De leerlingen verdiepen hun communicatievaardigheden in verschillende talen (17 uur per week). De studierichting daagt hen ook uit op het vlak van verdieping in taaltechnologie, taalkunde en literatuur.

Uiteraard krijg je in deze studierichting ook een pakket wiskunde en wetenschappen aangeboden, zodat je tijdens je verdere studies voldoende voorkennis hebt.

Leerlingenprofiel:

Deze studierichting is voor de leerling met:
• een sterk taalgevoel;
• interesse voor taal, literatuur en cultuur;
• nood aan een uitdaging op het vlak van communicatiewetenschappen, taalsystematiek, sociolinguïstiek;
• interesse voor de werking van taal als een systeem en hoe deze impact heeft op onze samenleving;
• een nieuwsgierigheid naar andere culturen;
• een leergierigheid naar taalverwerving en taalontwikkeling.

Algemene voorstelling:

De combinatie van een verbaal-literaire component met een exactwetenschappelijke component staat borg voor een evenwicht tussen de specifiek humane en de exact-wetenschappelijke aspecten van de algemene vorming. Een grondige kennis van de vreemde talen (11 uur + 4 uur Nederlands) maakt de toegankelijkheid tot wetenschappelijke literatuur in andere talen mogelijk. Tevens vergemakkelijkt een vlotte beheersing van vreemde talen de internationale wetenschappelijke contacten, wat interessant is met het oog op doorstroming in een wetenschappelijke studierichting van het hoger onderwijs.

Leerlingenprofiel:

Deze studierichting is voor de leerling die:
* belangstelling heeft voor communicatie met de brede werkelijkheid van de levende en/of niet-levende materie via de biologie, de chemie en de fysica en met de menselijke werkelijkheid via de taal;
* in de combinatie van wetenschappen met moderne talen een middel ziet om wetenschappelijke literatuur in vreemde talen beter onder de knie te krijgen.

Alle leerlingen moeten beschikken over het nodige abstractievermogen en over de nodige aanleg voor doorgedreven taalvaardigheid en taalstudie.

Algemene voorstelling:

In de studierichting wetenschappen-wiskunde komt voornamelijk het exact-wetenschappelijke aan bod. Het abstracte van de wiskunde en de binding met de werkelijkheid en het concrete van de wetenschappen vullen elkaar hier op gepaste wijze aan.
Naast een vorming in logische denkprocessen ondersteunt de wiskunde de wetenschappelijke wetmatigheden en beïnvloedt in belangrijke mate het wetenschappelijk onderzoek.
Voor de verschillende wetenschappen (fysica, chemie en biologie) maken practica een belangrijk deel uit van het lessenpakket om de theorie op gepaste wijze aan de werkelijkheid te toetsen.

Leerlingenprofiel:

Deze studierichting is bedoeld voor de leerling:
* met belangstelling voor de eigen abstracte wereld van wiskunde en de verklaring van natuurverschijnselen;
* die goed logisch kan redeneren en de nodige verbanden kan leggen tussen de wetenschappen en de wiskunde;
* die voldoende interesse toont voor fysische, chemische en biologische verschijnselen en deze via practica beter wenst te doorgronden;
* die nauwgezet en methodisch kan werken bij het oplossen van oefeningen en bij het uitvoeren van experimenten.
 
3ejaar
  5 Economie - Moderne Talen 5 Economie - Wiskunde 5 Humane Wetenschappen 5 Latijn - Moderne Talen 5 Latijn - Wetenschappen 5 Latijn - Wiskunde 5 Moderne Talen 5 Moderne Talen - Wetenschappen 5 Wetenschappen – Wiskunde
  5 EMT 5 EWI 5 HW 5 LMT 5 LWE 5 LWI 5 MT 5 MWE 5 WWI
6 of 8
VAKKEN                  
  Godsdienst 2 2 2 2 2 2 2 2 2
  Geschiedenis 2 2 2 2 2 2 2 2 2
  Lichamelijke opvoeding 2 2 2 2 2 2 2 2 2
                     
  Nederlands 4 4 4 4 4 4 4 4 4
  Engels 3 2 2 3 2 2 3 3 2
  Frans 4 3 3 4 3 3 5 4 3
  Duits 3 1 1 3     3 3    
  Spaans 1 1   2     2 1    
                     
  Aardrijkskunde 1 1 1 1 1 1 1 1 2
  Biologie         2 1   2 2
  Chemie         2 2   2 2
  Fysica         2 1   2 3
  Flex fysica   1              
  Natuurwetenschappen 2 2 2 2     2    
  Wetenschappelijk tekenen                 2 of 0
                     
  Wiskunde 3 6 3 2 6 8 2 4 6 of 8
  Wiskunde ondersteuning     1 1     1    
  Project humane     1            
  Economie 5 5              
  Latijn       4 4 4      
  Taaltechnologie en taalredactie             3    
  Kunstbeschouwing     2            
  Filosofie     2            
  Sociologie en gedragswetenschappen     4            
TOTAAL 32 32 32 32 32 32 32 32 32
3ejaar
  6 Economie - Moderne Talen 6 Economie - Wiskunde 6 Humane Wetenschappen 6 Latijn - Moderne Talen 6 Latijn - Wetenschappen 6 Latijn - Wiskunde 6 Moderne Talen 6 Moderne Talen - Wetenschappen 6 Wetenschappen – Wiskunde
  6 EMT 6 EWI 6 HW 6 LMT 6 LWE 6 LWI 6 MT 6 MWE 6 WWI
6 of 8
VAKKEN                  
  Godsdienst 2 2 2 2 2 2 2 2 2
  Geschiedenis 2 2 2 2 2 2 2 2 2
  Lichamelijke opvoeding 2 2 2 2 2 2 2 2 2
                     
  Nederlands 4 4 4 4 4 4 4 4 4
  Engels 3 2 2 3 2 2 3 3 2
  Frans 4 3 3 4 3 3 5 4 3
  Duits 3 1 1 3     3 3    
  Spaans 1     2     2 1    
                     
  Aardrijkskunde 1 1 1 1 1 1 1 1 1
  Biologie         2 1   2 2
  Chemie         2 1   2 2
  Flex chemie   1              
  Fysica         2 1   2 3
  Flex fysica   1              
  Informatica   1       1     1
  Natuurwetenschappen 1 1 1 1     1    
  Wetenschappelijk tekenen                 2 of 0
                     
  Wiskunde 4 6 2 3 6 8 3 4 6 of 8
  Statistiek     2            
  Project humane     2            
  Economie 5 5              
  Latijn       4 4 4      
  Taaltechnologie en taalredactie             3    
  Kunstbeschouwing     2 1     1    
  Filosofie     2            
  Sociologie en gedragswetenschappen     4            
TOTAAL 32 32 32 32 32 32 32 32 32


Algemene doelstellingen van de studierichtingen in de derde graad



In de doorstroomrichtingen van de derde graad (vroegere aso) wordt de leerstof meer vanuit een theoretische visie benaderd. Er is een duidelijk verschil met de meeste domeingebonden afstudeerrichtingen van de derde graad (vroegere tso), waar de toepassing en de praktische gerichtheid de bovenhand nemen.

Op het einde van de derde graad zou je in staat moeten zijn om de leerstof:

• te synthetiseren, te schematiseren, te structureren. Deze bekwaamheid dient tot uiting te komen in notities, persoonlijk werk, huistaken en in schriftelijke en mondelinge proeven;
• toe te passen in oefeningen, te integreren in aanverwante vakgebieden, te situeren in een breder kader;
• te reproduceren, zinvol te becommentariëren;
• toe te passen in een scriptie in het Nederlands of in een moderne vreemde taal.

Ook onderstaande vaardigheden zijn belangrijk om in het hoger onderwijs verder te studeren:
• studiemotivatie en doorzettingsvermogen;
• studie-inzet en werklust, die blijken uit de regelmaat en de stiptheid bij taken en persoonlijk werk; • kritische zin en zelfstandigheid:
- op een eigen, zelfstandige en persoonlijke manier opdrachten afhandelen;
- een eigen opinie durven verdedigen en weten te verwoorden (geen oppervlakkigheid);
• taalvaardigheid, zodat je de kennis op een vlotte manier kan uitdrukken en rustig weet te beargumenteren; je moet met precisie en de nodige nuanceringen je gedachten weten te verwoorden;
• vermogen tot beoordeling, d.w.z. jezelf nauwkeurig en objectief kunnen evalueren;
• werkplanning en zelfcontrole;
• brede interesse; je uitsluitend richten op één enkele specialiteit is niet voldoende om met kans op slagen hogere studies aan te vatten.

Het spreekt voor zich dat ook de studiemethode die je je eigen maakt en die je flexibel moet weten te hanteren, een belangrijke factor is.